zondag, maart 1

Tag: illustratie

Vertelling: Vleugellam – deel 5
Actueel, Vertellingen

Vertelling: Vleugellam – deel 5

Een verhaal van Isabelle Plomteux in zes delen. Lees ook deel 1, deel 2, deel 3 en deel 4.Ze zijn overdekt met zeewier en oesterschelpen en zitten onnatuurlijk hoog tegen zijn galeigrote lijf aan, maar ze zijn er wel. Botten als scheepsmasten en spieren als meertouwen houden de gehavende drakenhuid samen. In gestrekte toestand moet hun spanwijdte fabelachtig zijn. Boven op zijn rug, daar waar beide, hoogopstaande vleugels elkaar net niet raken, zit een kale rij hoge, roestkleurige stekels. Rugvinnen, denk ik, tot de maan me de waarheid onthult. Woede vlamt in me op. Geen wonder dat zijn vleugels er zo aan toe zijn. In tegenstelling tot de leden van de huizen en hun angst voor verwaaide veren, heeft hij dit zichzelf niet aangedaan. Iemand heeft zijn machtige wieken met massieve ijzeren...
Vertelling: Vleugellam – deel 4
Actueel, Vertellingen

Vertelling: Vleugellam – deel 4

Een verhaal van Isabelle Plomteux in zes delen. Lees ook deel 1, deel 2 en deel 3.De prefect trekt de wijnkruik naar zich toe en schenkt voor ons allebei een flinke portie uit. ‘Je hebt gelijk,’ zegt hij rustig. Hij schuift een mok naar me toe. ‘Je moeder en ik kennen elkaar al heel lang. Heb je je nooit afgevraagd hoe je hier terecht bent gekomen?’ ‘Na de am…’ Ik krijg het woord nog steeds niet over mijn lippen. ‘Nadat ik geopereerd was? IJlend van de koorts? Nee, dat heb ik me niet afgevraagd, nee. In het begin was ik er te ziek voor en later…’ Ik haal mijn blik van mijn moeders onaangeroerde roemer en richt hem op de man die niet alleen mijn leven redde, maar het ook weer de moeite waard maakte. ‘U leerde me vooruit te kijken, niet achterom.’ ‘En dat heb je gedaan, jongen.’ Hij n...
Vertellingen: 1897 – deel 4
Actueel, Vertellingen

Vertellingen: 1897 – deel 4

Een verhaal van Terrence Lauerhohn in vier delen.4.Omgeven door hout en steen ontwaakt de verschrikking weer. De helse jager kijkt op, kreunt, de zonnespiegel is voorbij haar volheid. Eén nacht blijft. Eén nacht slechts, om te jagen, om te voeden. Een maand volgt, een martelend leven als een sterveling. *** Giacomo lag onder wat bosjes die de kruising afbakenden waar hij de struikrover had gedood. Het was een wilde gok. Zijn voorgevoel bleek juist. Het rijtuig van de signorina kwam in zicht. Hij wachtte tot het gepasseerd was en zette een nieuwe achtervolging in. Tot zijn verwondering ging de reis niet via Chioggia. De menner week van de hoofdweg af en koos voor de route die iets noordelijk van Venetië, bij de kust uitkwam. Aangekomen bij de oever van de laguna sloeg de koets ...
Vertellingen: 1897 – deel 3
Actueel, Vertellingen

Vertellingen: 1897 – deel 3

Een verhaal van Terrence Lauerhohn in vier delen.3.‘Temper uw weerschijn, moeder maan,’ fluistert het dorstige wezen met schrale stem. Het heft een klauw, strekt benige vingers uit naar het verarmde zonnelicht. Nagels, zwartgerand, rijten de lucht. Naar beneden gaan ze, kervend in vel, spieren, pezen. Hongerende lippen raken blanke huid. Een zachte zucht van dat wat voedsel wordt spoort de gulzigheid ongebreideld aan. Een kreng, in de tint van was, rest na het stillen. Een slap, leeg omhulsel dat als afval in het zwarte water neergelaten wordt. *** Giacomo wreef lusteloos de slaap uit zijn ogen. Stilletjes vervloekte hij zijn stommiteit van de dag ervoor. Hij had de nacht woelend doorgebracht, met het zinnenprikkelende beeld van de naakte signorina in zijn geest. Hij keek door...
Vertellingen: Het verkeerde adres – Zadok Samson
Actueel, Vertellingen

Vertellingen: Het verkeerde adres – Zadok Samson

Inbrekers. Eentje houdt mij onder schot, de tweede houdt Rella een mes tegen haar keel, de derde zoekt door het huis naar waardevolle spullen. Hoe langer hij ruw door onze bezittingen rommelt, hoe meer de woede zich in mij opbouwt. Heel goed. Ik haal diep adem en voel hoe de woede zich door mijn lijf verspreidt. Al die verhalen over de volle maan zijn onzin. Ik bepaal zelf wanneer ik het beest toelaat. “Ik geef jullie de laatste kans om weg te gaan,” zeg ik. De grom zit al in mijn stem. Het is een subtiele grom, je moet er echt op letten om het te horen. “Bek houden” zegt de inbreker met het pistool tegen mij.Ik kijk naar Rella en knik. Het is een kort knikje. Ik concentreer mij op de woede, laat het zijn werk doen. Mijn spieren bollen op en scheuren luid mijn kleren stuk. Mijn botte...
Vertellingen: Dodendanserslicht – deel 7
Actueel, Vertellingen

Vertellingen: Dodendanserslicht – deel 7

Een verhaal van Isabelle Plomteux in zeven delen.Moeizaam kom ik bij, plat op mijn rug. Ik verstrak, tot mijn handen verse lakens en strakke verbanden met een helende geur vinden. Thuis, ik ben thuis. Op Wachterseiland, in de grote ordeburcht. Buiten, in de tarikbomen op het binnenplein, houden mintavogels hun kwetterende theekransjes. Nu ja, thuis. Dat zal het vast niet lang meer zijn. Welke wachtershengst zal er nog met me willen vliegen nu ik Schim zo roekeloos… Met tegenzin sla ik mijn ogen op. Ik ben er niet klaar voor om de toekomst het hoofd te bieden. Ze hebben me helemaal aan het eind van de ziekenzaal gelegd, onder het grote, in ruitjes verdeelde boograam dat op het binnenplein uitkijkt. Uit de weg. Een stap verwijderd van mijn definitieve vertrek. Aan de andere kant van de ...
Vertellingen: 1897 – deel 2
Actueel, Vertellingen

Vertellingen: 1897 – deel 2

Een verhaal van Terrence Lauerhohn in vier delen.2Onder een laken van duisternis overziet de jager het aardse, dorstig naar bloed. Later zal het stromen. Niets zal worden verspild. *** Hij arriveerde laat, veel te laat, de zon was net ondergegaan. Giacomo trok hard aan de deurbel, een koperen leeuwenkop met uitgestoken tong. Hij vloekte zacht, omdat hij de lengte van de reis en het woelige water van de Brenta had onderschat, en omdat hij de ijver van de gondelier die hem had gebracht, had overschat. Een minuut later kwam een bediende aanlopen, onder een zwakke lichtvlek uit de lantaarn die hij omhooghield. Toen hij dichterbij kwam herkende Giacomo de kleinste van de twee mannen die de signorina naar het politiebureau hadden begeleid. Het kereltje haalde het in sierlijke lussen ...
Vertellingen: Dodendanserslicht – deel 6
Actueel, Vertellingen

Vertellingen: Dodendanserslicht – deel 6

Een verhaal van Isabelle Plomteux in zeven delen.De Aïshi zijn er als eerste. Hun donkere ogen branden van woede. Ze vormen geen cirkel deze keer, maar stellen zich in een lange rij achter me op. Ik moet er haast om glimlachen. Ik ga nergens meer naar toe, jongens. Toch niet in deze wereld. Hijgend houden de uitgeputte stormpanters van de bestjerka voor me halt. Hun pels is nu zo goed als doorschijnend. ‘Dwaas!’ De luchtweefster veert overeind en rukt haar bontkap af. Sneeuwwitte ogen in een sneeuwwit gezicht, omlijst door sneeuwwitte haren, boren zich in de mijne. Het rijmpje dat mijn moeder me als kind leerde, flitst door mijn ontzette hoofd.Wit als ijs, wit als sneeuw, ren ren of de ijskoningin gaat met je heen. Wit als ijs, wit als sneeuw, ren ren of de gevallene ...
Vertellingen: 1897 – deel 1
Actueel, Vertellingen

Vertellingen: 1897 – deel 1

Een verhaal van Terrence Lauerhohn in vier delen.1Vlerken slaan klappend open, jagen de nevel op. Waar de jager over de Laguna Veneta scheert, rimpelt het water, kleurt het zwart. De volle maan gidst de dood naar het leven. *** Bedachtzaam verschoof Giacomo de drie velletjes met schematisch getekende menselijke vormen tot ze in een boog op zijn bureau lagen. Elk blaadje toonde de afbeelding vanuit een ander gezichtspunt. De gerechtsarts had met een rood potlood de plaatsen gemerkt waar verwondingen waren aangetroffen, niet door vissen of ratten veroorzaakt. Een groot stuk van de hals was op elk blaadje vet gearceerd. Daar ontbrak het weefsel, net als bij de zestien andere jonge slachtoffers. Prooi waren ze, voor de monsters die het liefst in de nachtelijke uren hun verderfelijke ...
Vertellingen: Dodendanserslicht – deel 5
Actueel, Vertellingen

Vertellingen: Dodendanserslicht – deel 5

Een verhaal van Isabelle Plomteux in zeven delen.De koningsgriffioen laat zijn gespleten slangentong naar buiten glijden en ademt mijn geur in, voor hij zachtjes ronkend op mijn borst neerzakt. Ik knipper met mijn ogen. Alsof het niets is, knippert hij terug. Voorzichtig maar vastberaden neem ik hem in mijn armen en krabbel ik recht. De Aïsho die hij met zijn gif bewerkte, ligt jammerend aan onze voeten. Vanop hun rijdieren staren de overige Aïshi verstomd naar de kleine griffioen die zich spinnend aan mijn romp vastklampt. In de slee strekt de bestjerka haar arm. Haar hand. Nee. ‘Vlieg,’ zeg ik tegen het dier op mijn borst, ‘vlieg naar huis.’ Ik ruk hem los en werp hem de lucht in. Hoog boven ons, tussen de sneeuwwolken, glinstert de poort. Glinstert de vrijheid. De griffioen kijkt...

You cannot copy content of this page