web analytics
zaterdag, juni 22

Interview met Jasper Polane – Van verbeelding naar papier

Door Isabelle Plomteux

Auteur en uitgever Jasper Polane schreef recent een schrijfgids voor verbeeldingsliteratuur: Van verbeelding naar papier. Ik interviewde Jasper Polane al eerder voor Fantasize, dat tweedelige interview kun je hier terugvinden: deel 1 en deel 2.

Jasper Polane, eigen foto

Dag Jasper. Voor de lezers die je nog niet kennen, kun je jezelf even voorstellen?
Hallo allemaal! Ik ben Jasper Polane, auteur en uitgever bij Quasis Uitgevers. Ik heb nu in totaal zeven romans geschreven: de vierdelige sciencefantasy-serie De onzichtbare maalstroom, een deel in De zwijgende aarde-serie Roest, Panda en het zwarte Dat, dat zich in de wereld van Dizary afspeelt, en Zwartruimte, een SF-roman over tijdreizen en post-humanisme dat de Fantascifi Award won.
Mijn achtste boek is een non-fictieboek. Het heet Van verbeelding naar papier en is een boek over het schrijven van boeken.

Wat deed je besluiten een schrijfgids voor verbeeldingsliteratuur te schrijven?
Ik had de afgelopen jaren veel aantekeningen voor workshops, gastblogs, enzovoort verzameld en had in mijn achterhoofd dat ik daar wat mee wilde doen. Toen ik vorig jaar jureerde voor de Waterloper schrijfwedstrijd, merkte ik dat ik in mijn juryrapportages vaak dezelfde dingen noemde. Dat deed me denken dat veel schrijvers van verbeeldingsliteratuur wat zouden hebben aan een schrijfgids waarin die onderwerpen worden besproken. Door alle aantekeningen die ik al had, was ik eigenlijk al een end op weg.

Voor wie is de gids bestemd? Beginnende auteurs, gevorderde auteurs? ‘Fantastische’ auteurs of auteurs uit alle genres?
Het is bedoeld voor alle soorten auteurs. Beginnende auteurs zullen er (natuurlijk) meer aan hebben dan gevorderde, maar ook die zullen nieuwe schrijfwapens aan hun arsenaal kunnen toevoegen. Auteurs van fantasy en sciencefiction zullen ook meer uit het boek halen dan auteurs uit andere genres, vooral omdat twee hoofdstukken specifiek over verbeeldingsliteratuur gaan. Maar heel veel van de tips en schrijftechnieken die ik uitleg zijn voor elke schrijver handig.

Welke schrijfonderwerpen behandel je?
De hoofdstukken gaan over verbeeldingsliteratuur als kunst, ideeën verzamelen, het schrijfproces, verhaalstructuren, de bouwstenen van een goed verhaal, compositie van de tekst (proza), personages, symboliek en wereldbouw.

Hoe is de schrijfgids opgebouwd?
In elk van bovenstaande hoofdstukken vertel ik alles wat ik te vertellen heb over het betreffende onderwerp.

Kun je als gebruiker die onderwerpen eruit halen die voor jou als auteur van nut zijn of bouwt het ene hoofdstuk verder op het andere?
Het boek is vrij modulair opgebouwd, dus je kunt de hoofdstukken door elkaar lezen – of alleen de stukken lezen die je interesseren. Ik denk wel dat je een groter geheel meekrijgt wanneer je alles leest.

Staan er oefeningen in?
Nee, er staan geen oefeningen in.

Ligt de focus in Van verbeelding naar papier op het schrijven van een boek of is er ook aandacht voor het schrijven van korte verhalen?
Ik heb het in het boek over ‘een verhaal’ en specificeer niet precies hoe lang dat verhaal is. Ik denk dat je veel van de schrijftechnieken die ik behandel zowel voor korte verhalen als voor romans kunt gebruiken. Voor de korte heb je wat minder detail nodig.

Cover van Van verbeelding naar papier

In de schrijfgids zijn zeven interviews met Nederlandse ‘fantastische’ auteurs opgenomen. Sluiten deze interviews aan bij bepaalde onderwerpen in de schrijfgids of vervullen ze een andere rol?
Ze sluiten aan bij de hoofdstukken, dus na (bijna) ieder hoofdstuk interview ik een auteur over dat onderwerp. Het doel van de interviews is om een andere invalshoek te laten zien dan die van mij. Ik schrijf bijvoorbeeld redelijk organisch en improviseer veel. Dan is het ook leuk om Antoni Dol aan het woord te laten, die zijn verhalen tot in de puntjes uitdenkt. Of Kim ten Tusscher, die juist de andere kant opgaat en nog veel chaotischer werkt dan ik.

De schrijfgids bevat ook een verrassend interview met sciencefictionauteur Alice Ironwood (let op de initialen!)?
Ja, Alice is een A.I. Toen ik de appendix over het gebruik van A.I. had geschreven, leek het me leuk om een A.I. daarover te interviewen. Ik instrueerde een chatbot (KoboldAI) zich te gedragen als Alice Ironwood, een schrijfster van sciencefictionboeken en stelde haar vragen. Het verrassende was dat ze zelf aangaf haar bedenkingen te hebben bij het gebruik van A.I. Dat had ik niet zo ingeprogrammeerd.

Hoe kijk jij als auteur en uitgever aan tegen het gebruik van AI als schrijfhulp?
Ik zie niet in waarom je het nodig zou hebben. Alles wat A.I. verzint kun je zelf beter/origineler/verrassender verzinnen. Als je A.I. nodig hebt om onderwerpen te verzinnen of teksten voor je te schrijven, is schrijven misschien niets voor jou.

Heb je het in Van verbeelding naar papier ook over het uitgeefproces? Of gaat het uitsluitend over het schrijven?
Nee, ik heb het uitsluitend over schrijven (en een klein beetje over redactie).

Plan je nog een vervolg?
Ik heb wel een idee voor nog een schrijfboek, heel anders dan dit, maar nog niet echt een plan. Het moet eerst nog rijpen.

We zeiden het al, je bent niet alleen auteur maar ook uitgever. Hoe kijk je vanuit die hoek naar het Nederlandstalig fantastisch genre? Hoe zie je het genre de laatste jaren evolueren?
Sinds ik mijn eerste boek uitgaf, zijn de genres flink gegroeid. Er zijn meer uitgeverijen bijgekomen die gespecialiseerd zijn in de verbeeldingsgenres en daardoor is er ook meer ruimte voor verbreding. Zo is de laatste jaren sciencefiction in opmars (mede door mijn serie De zwijgende aarde).

Waar zie jij het als uitgever vaak foutlopen bij manuscripten en/of uitgaves?
Show, don’t tell. Ik zie auteurs zich vaak in bochten wringen in de angst misschien ‘tell’ te gebruiken, waardoor foeilelijke proza ontstaat: personages die om de haverklap grijnzen, elkaar aankijken, fronsen, schokschouderen, enzovoort. ‘Ze keek hem boos aan’ is echt niet beter dan ‘Ze was boos.’ ‘Don’t tell’ is op zich een goed principe, maar kies je moment en schrijf wel mooie proza.

Een boek over schrijven moet natuurlijk ook geschreven worden. Hoe verliep dat?
Heel voorspoedig! Ik had van tevoren een inhoudsopgave gemaakt die ik invulde. Kwam ik tijdens het schrijven op nieuwe onderwerpen om te behandelen, zette ik die ertussen. Ik heb het boek niet in volgorde geschreven; iedere dag keek ik welk stuk in aan zou pakken.

Waarin verschilde het schrijfproces van dat van een ‘fantastische’ roman? Of was er geen verschil?
Het schrijven van een roman is veel meer improvisatie, het schrijfproces van de schrijfgids was veel gestructureerder. Als ik voor de schrijfgids een onderwerp bedacht, wist ik meteen wat ik erover zou vertellen en welke tips daarbij hoorden. Bij het schrijven van een roman weet ik maar half waar het verhaal ongeveer naartoe gaat, dat is veel meer gepuzzel.

Tot slot: waar is Van verbeelding naar papier te krijgen en waar kunnen mensen meer informatie vinden?
De schrijfgids is te krijgen op de website van Quasis via deze link: https://www.quasis.nl/van-verbeelding-naar-papier.

Bedankt voor het interview!

 

© 2020 – 2024 Fantasize & Isabelle Plomteux

You cannot copy content of this page