web analytics
vrijdag, april 19

Interview winnaars Harland Prijs – Marius van Bruggen – vijfde prijs

Door Isabelle Plomteux

Ook in 2022 eindigde Marius van Bruggen hoog bij de (toen nog) Harland Awards en werd hij naar aanleiding daarvan door mij geïnterviewd. Dat interview kun je hier terugvinden.

Dag Marius, gefeliciteerd met je vijfde plaats! Leuk je weer in dezelfde context te ontmoeten. In mei 2022 stelde je jezelf in het toenmalige interview als volgt voor: “Mijn naam is Marius van Bruggen, ik ben 35 jaar oud en ik woon met mijn vrouw en pasgeboren zoontje in Hilversum. Ik werk als politieagent en in mijn vrije tijd houd ik van fitness, koken, films, Nintendo, boeken lezen en verhalen schrijven. Schrijven is een hobby die ik in mijn hoofd al mijn hele leven heb, maar waar ik een jaar of drie geleden eigenlijk pas serieus in ben geworden.” Klopt dit nog steeds of zijn er sindsdien zaken veranderd?
Ik ben nu 37 en naast mijn Nintendo heb ik tegenwoordig een Playstation. Maar de grootste verandering is denk ik dat ik niet meer in Nederland woon! Ik ben vorig jaar gestopt bij de politie en met Ingrid en Matteo naar Zweden verhuisd. Lang verhaal… We raakten in Nederland een beetje in een sleur. Ons appartement werd te klein en elke keer dat we een groter huis wilden kopen, grepen we ernaast. We hadden het al vaker over emigreren gehad en uiteindelijk hebben we de knoop doorgehakt. Nu wonen we in Osby, een klein dorp in Zuid-Zweden. Mijn vrouw werkt daar als foto/videograaf en culinaire duizendpoot (haar kookboek Het lekkerste uit Zweden is dit jaar in de boekhandels geland) en ik stort me op mijn fictie.

In 2021 deed je voor het eerst mee met de Harland Awards en behaalde je meteen de derde plaats. Dit keer werd je zoals we al zeiden vijfde, en in 2022 werd je tiende. Ook bij de Goekenprijs 2023 (schrijfwedstrijd voor spannende verhalen, red.) eindigde je verhaal op de vijfde plaats. Bij de voorganger van deze wedstrijd, de Zilveren Strop 2022 veroverde jouw bijdrage de vierde plek. Je hoort me vast al aankomen: wat is jouw geheim? Hoe doe je dat, meteen doorstoten naar de top vijf en dat jaar na jaar herhalen?
Haha, je vergeet het tweede verhaal dat ik voor dit jaar ingezonden heb. Die behaalde een solide 63e plek. Het gaat dus niet altijd goed, maar over het algemeen denk ik dat ik een redelijk aantrekkelijk proza schrijf. Ik besteed veel tijd aan het lopend maken van mijn zinnen en ik hou van gemakkelijk taalgebruik. De inhoud komt dan in elk geval goed binnen. Verder hou ik van spanning, dus er staat voor mijn protagonist altijd wel iets op het spel. En ten slotte probeer ik altijd een of meer stevige plotwendingen in te bouwen. Hoe meer het verhaal overhoop gegooid wordt, hoe leuker ik het zelf vind. En dat ík het verhaal leuk vind, is eigenlijk mijn enige criterium om het in te willen sturen.

Daarbij aansluitend: welk advies zou je deelnemers aan de volgende editie(s) van de Harland Prijs willen meegeven?
Echt baanbrekend advies heb ik denk ik niet. Besteed veeeel tijd aan de saaie dingen. Herlezen, herschrijven, overbodige woorden schrappen, zinnen lopend maken. Dat maakt je verhaal niet beter, maar je voorkomt dat lezers aftaaien voordat het leuk wordt.
En maak het leuk voor jezelf. Zoek uitdagingen in de kritiek die je krijgt. De symbionten van Dorch gaat richting het high fantasy-genre en de voornaamste reden daarvoor, is dat de jury over een ander verhaal van mij heeft gezegd dat het ‘niet echt fantasy was.’ Daar was ik het hartgrondig mee oneens, maar ik vond er wel een leuke uitdaging in.

Marius neemt 5e prijs in ontvangst uit handen van Martijn Lindeboom.

Ga je volgend jaar weer meedoen? Kwestie van de concurrentie alvast te waarschuwen.
Ik ben van plan om door te gaan tot ik een keer win. Dan moeten de leuke ideeën wel blijven komen, maar tot nu toe is dat geen probleem geweest.

Terug naar de editie van dit jaar. Kun je kort en zonder al te veel spoilers vertellen waarover De symbionten van Dorch gaat?
Dat gaat over Herders, in dit verhaal strijders met een eigen troep magische wolfshonden, die hun wereld beschermen tegen gevaarlijke wezens. Duncan, de hoofdpersoon, reist met zijn ‘Fiaclan’ van wereld naar wereld om andere Herders te helpen. Als hij in Dorch aankomt, merkt hij dat die wereld in gevaar is. Samen met een andere Herder gaat hij op zoek naar de Ban-dia, de halfgodin van Dorch, om haar om hulp te vragen.

Hoe kwam je op het idee voor het verhaal?
Dat is wel een leuk verhaal op zichzelf. Ik las een artikel over hoe het menselijk immuunsysteem ons beschermt tegen ziektes en beschadigingen. Ik vroeg me af wat ons immuunsysteem zou zeggen als het met ons kon praten. Vervolgens bedacht ik een verhaal van een soort strijders die op het lichaam van een reusachtig wezen wonen en haar proberen te beschermen, maar het niet langer aankunnen en daarom met haar in contact proberen te komen. Dat bleek alleen veel te veel worldbuilding te zijn voor slecht 7.500 woorden, dus heb ik er een relatief normale wereld van gemaakt met een godin die fysiek aan haar wereld gebonden is.

Ik zat dit jaar in de vakjury en bepaalde elementen in jouw verhaal (ik zal nog niet verklappen welke want dan geef ik misschien te veel weg) gaven me een gamegevoel. Kan dat kloppen?
Dat geloof ik onmiddellijk! Er zitten enkele grootschalige vechtscènes in die met RPG-achtige strategieën aangevlogen worden. En de omschreven wereld zou je zo kunnen vinden in een provincie uit Breath of the Wild.

Heb je dat gevoel er bewust in gestopt of was het meer een spontaan neveneffect?
Niet heel bewust, maar ik ben groot fan van action/adventure games. Als je The Legend of Zelda, Ori en Okami erbij pakt, heb je een groot deel van mijn inspiratiebronnen wel te pakken. Een paar jaar geleden was ik meer bezig met horrorgames als Resident Evil, Call of Cthulhu en Little Nightmares. Toen rolden er ook meer horrorverhalen uit mijn mouw.

Je schrijft momenteel dus zowel spannende korte verhalen als verhalen die onder de ‘fantastische’ genres vallen. Heb je een voorkeur voor een van beide?
Ik schrijf eigenlijk uitsluitend spannende verhalen. Ik hou nou eenmaal spanning en mysterie, en je zult niet snel een verhaal van mij vinden waarin de nadruk ligt op tragiek of romantiek. Maar of die spanning en mysterie zich nou afspelen in onze wereld of een fantastische, dat maakt me niet zoveel uit. Het hangt er maar net vanaf wat in me op komt.

Pak je het schrijven van een spannend kort verhaal op dezelfde manier aan als het schrijven van een fantastisch kort verhaal? Of verschilt je werkwijze? Zo ja, op welk gebied?
In bijna alle gevallen gooi ik mijn personage op pagina 1 al in de spanning. Ook introduceer ik zo snel mogelijk het mysterie en dat maak ik het liefst zo complex mogelijk. In fantasieverhalen is dat iets moeilijker te balanceren. Hoe meer fantastische elementen ik toevoeg, hoe eenvoudiger ik het mysterie daarom houd, omdat ik die woorden nodig heb voor worldbuilding. De symbionten van Dorch is voor mijn doen dan ook een traag verhaal en het mysterie is relatief eenvoudig.

Wat ik overigens ook doe om dat probleem te ondervangen, is clichés toevoegen. Dat is een vies woord in de literaire wereld en waarschijnlijk een van de meest controversiële dingen die ik hier kan zeggen, maar ik doe het lekker toch. Ik ben van mening dat clichés meerwaarde hebben voor met name korte verhalen, zolang ze doelmatig gebruikt worden. De magische dieren in De symbionten van Dorch zijn wolfshonden en kraaien. Waarschijnlijk kun je geen clichématigere dieren bedenken en daarom werken ze zo goed. Iedereen voelt instinctief aan dat wolfshonden trouw, sociaal en sterk zijn en kraaien intelligent en onberekenbaar. Als het Qorxen en Ghurwyls waren geweest, was ik voor dit verhaal te veel woorden kwijtgeraakt aan de introductie daarvan.

Op die strategie heb ik overigens veel kritiek gehad. Tijd verandert alles speelde zich bijvoorbeeld af op een militaire basis voor wetenschappelijk onderzoek. De wetenschappers liepen daar allemaal in witte jassen en de militairen in camouflage. Een jurylid en een recensent bekritiseerden dat als stereotiep. Dat is niet onterecht, maar je weet op pagina 1 gelijk waar je aan toe bent. Alle aandacht kan vervolgens naar het verhaal gaan.

In het vorige interview vroeg ik je wat je op schrijfvlak nog graag wilde bereiken. Je antwoordde als volgt: “Ik heb sinds vorig jaar contact met een uitgever die enthousiast is over mijn werk. De redacteur heeft op dit moment wel meer interesse in mijn thrillers dan mijn fantasy, dus werk ik nu aan een politieverhaal. Mijn werk biedt daar gelukkig meer dan genoeg inspiratie voor, en de fantastische verhalen komen vanzelf weer aan de beurt.” De fantastische verhalen zijn inderdaad weer aan de beurt gekomen. Hoe staat het met je thriller(s)?
Oef, deze doet zeer, maar die thriller heeft lang op zijn gat gelegen en ik ben het contact met die redacteur verloren. Emigreren is een tijdrovende klus en ik heb weinig tijd gehad om me vast te bijten in een lang project. Dat begint nu gelukkig weer te komen. Matteo gaat sinds kort naar de kinderopvang, dus ineens heb ik weer meer tijd. En korte verhalen kan ik gemakkelijk tussendoor schrijven, dus ik blijf lekker met wedstrijden bezig.

Heb je nog andere plannen op schrijfgebied?
Ik heb net de eerste hoofdstukken van een youngadultfantasymanuscript de deur uit gedaan. Dat specifieke verhaal is een lastige, omdat het een meer jongensachtig boek is en het youngadultpubliek voor 90% uit jonge vrouwen bestaat. Ik denk zelf dat je jongens van die leeftijd prima aan het lezen krijgt als ze de juiste boeken onder de neus krijgen, maar ja, overtuig een uitgeverij daar maar eens van.

Eerlijk gezegd is dat ook de voornaamste reden dat ik aan schrijfwedstrijden meedoe: ik probeer de aandacht te trekken van redacteuren en uitgeverijen. Ik heb niet de marketingvaardigheden voor zelfpublicatie, dus ik moet op een of andere manier op de ouderwetse manier aan de bak komen. Ik ben er gelukkig recent achter gekomen dat de Harland Prijs en Goeken Prijs bijlange na niet de enige schrijfwedstrijden in Nederland zijn. Voor jullie waarschijnlijk geen nieuws, maar ik zit erg weinig op social media en heb nauwelijks mensen in mijn omgeving met deze interesse. Voorlopig heb ik in elk geval genoeg te doen.

Waar ben je als auteur te vinden? (socials, website)
Op mariusvanbruggen.com vind je het laatste nieuws over mij op schrijfgebied en kun je mijn verhalen downloaden. De e-bundels op Hebban.nl zijn geweldig, maar in voorgaande jaren werd de hele opmaak van het originele document daaruit verwijderd. De e-pubs op mijn website programmeer ik zelf met de inspring en cursieve woorden zoals ik ze ooit bedoeld heb. Ik deel die alleen pas als de officiële e-bundels al wat langer op Hebban.nl hebben gestaan.
Verder ben ik net een Substack begonnen. Via verhalen.substack.com stuur ik hele korte verhalen (max. 800 woorden) de deur uit. Ook in het fantastische genre.

Dank voor het interview! En wellicht tot volgend jaar.
Hier kun je op Hebban gratis het e-book downloaden met het verhaal van Marius van Bruggen en de vier anderen in de top vijf.

 

© 2020 – 2024 Fantasize & Isabelle Plomteux

You cannot copy content of this page