web analytics
maandag, mei 16

Fantasize Special – De rol van de vrouw: Sprookjesmeisjes in een nieuw licht

Door Sigrid Lensink-Damen

Bij Querido kwamen onlangs twee boeken uit met meisjes in de hoofdrol. Het ene is Hier komen wij vandaan van Leonieke Baerwaldt en het andere is De meisjes van Annet Schaap. Beide boeken hebben bekende sprookjes als uitgangspunt. Baerwaldt koos voor De kleine zeemeermin en Van de visser en zijn vrouw, Schaap bewerkte zeven overbekende sprookjes, onder andere Repelsteeltje, Roodkapje en Hans en Grietje.

Hier komen wij vandaan
In deze roman verweeft Baerwaldt drie hoofdverhalen subtiel met elkaar. Brenda en Loek gaan op een goedkoop stuk land wonen en willen daar zelf een huis bouwen, wat maar niet lukt. Alex werkt in een fabriek maar droomt ervan een aquariumwinkel te openen, alleen krijgt hij te kampen met een overleden moeder en drankproblemen, en Miriam en Ondine, moeder en dochter, laveren aan de zelfkant van de samenleving behendig tussen alle ellende door.

Het zijn grimmige levens in een even grimmig Nederlands landschap vol grauwe polders, rook uitbrakende fabrieken en benauwde, schimmelige huizen waarin dromen verwelken voordat ze tot bloei zijn gekomen. De sfeer in Hier komen wij vandaan deed me direct denken aan Schuilplaats 3/9 van Anna Starobinets, het nachtmerrieachtige eveneens, maar gelukkig is er water, dat stroomt, kabbelt, beukt, zich terugtrekt, aanzwelt. De taal van Baerwaldt volgt het water en stroomt van verleden naar toekomst, door het heden weer naar het verleden, zonder dat het verwarrend wordt.

De sprookjes zijn herkenbaar in moeder en dochter en het echtpaar dat een huis wil bouwen. Miriam gaat steeds in bad liggen, omdat ze ‘koudbloedig’ is. Bovendien heeft ze littekens achter haar oren. Ondine is een kind zonder haar en zorgt later voor haar moeder en ziet zichzelf weerspiegeld in haar zorg voor aquariumvissen. Allemaal verwijzingen naar De kleine zeemeermin, net zoals de kinderloosheid van Brenda en Loek een verwijzing is naar Van de visser en zijn vrouw. In het sprookje spoelt er een magische vis aan, hier iets anders. Er zijn vast nog meer referenties te vinden, maar die heb ik niet zo snel ontdekt; een reden om het boek te herlezen en ze te zoeken.

De meisjes
Deze verhalenbundel van Annet Schaap is luchtiger dan de roman van Baerwaldt, maar met even mooie subtiele beelden en taal. In elk herteld sprookje hebben een of meer meisjes de hoofdrol. Soms dromen ze nog van de Prins en de Kus om vervolgens in een kelder terecht te komen waar ze stro tot goud moeten spinnen, soms zoeken ze naar geluk, terwijl dat al in de vorm van een kikker in hun bed ligt.

De oude vertellingen krijgen bij Schaap net even een andere twist, net een andere invalshoek of omgeving. Rapunzel is een harig monster dat met haar gouvernante op een eiland in de zee woont en haar uiterste best doet om prinsesachtig te zijn, maar de spreuk ‘Geduld is een schone zaak’ komt er in haar onhandige borduurwerk uit te zien als ‘Gebuld is een schone zaak’. Haar prins verschijnt niet, wel spoelt er een matroos aan.
Het zijn deze kwinkslagen en de humor die de sprookjes van Schaap meerwaarde geven en evengoed een boodschap overbrengen. Monster Rapunzel zwemt uiteindelijk van haar eiland weg en de matroos pikt haar op in zijn schip, dat hij ‘Gebuld is een schone zaak’ heeft gedoopt. Het is een ontroerend einde zonder dat het een ‘en ze leefden nog lang en gelukkig’-labeltje heeft.

Steeds weer opnieuw
Even vroeg ik me af of de lezer niet voorkennis moet hebben van de bestaande sprookjes om deze roman en verhalenbundel op waarde te kunnen schatten. Vaak zit het plezier bij het lezen van deze hertellingen erin dat je de elementen van de oude versie herkent. In dit geval is het niet nodig, zeker bij Hier komen wij vandaan niet, want het sprookje van De kleine zeemeermin is erin opgenomen en gebruikt als het verhaal dat Miriam aan Ondine voor het slapengaan vertelde en zij ontlenen er hun band aan met elkaar en met het water. Dat is mooi en die transparantie past ook bij het werk. Water is van zichzelf doorzichtig en raakt alleen troebel door de substanties die erdoorheen worden gemengd.

Wat betreft De meisjes gaat deze metafoor natuurlijk niet op. Daar zou je de vergelijking kunnen trekken met films die naar aanleiding van een boek zijn gemaakt: het levert meestal een nieuw kunstwerk op. Zo zou ik ook Schaaps verhalen willen zien. Nieuw werk gebaseerd op oud, waarin nieuwe elementen en nieuwe afslagen zijn gemaakt.

Het is heerlijk om te vertoeven in goed geschreven, kabbelend, soms benauwend, maar vaker ontroerend en grappig proza over meisjes in allerlei soorten en maten.

 

© 2020 – 2022 Fantasize & Sigrid Lensink-Damen