web analytics
maandag, mei 16

Fantasize Special – De rol van de vrouw: Rosemary het offerlam

Door Zadok Samson

Ik vind Rosemary’s Baby een goede horrorfilm. Regisseur Roman Polanski baseerde zich op de roman van Ira Levin, die hij haast letterlijk overbracht voor de camera. Het jonge koppel Guy (John Cassavetes) en Rosemary (Mia Farrow) neemt zijn intrek in een antiek en pittoresk appartement, waarvan de vorige bewoonster op mysterieuze wijze overleed. Overdag ziet het er schattig uit, ’s avonds heerst een grimmigere sfeer. Komt het door de kast die is verschoven, als om iets te verbergen? De kruiden die de vorige bewoonster kweekte? De schaduwen die de gang en muren bedekken? Er klopt iets niet aan het appartement. Guy en Rosemary hebben nergens last van, totdat zij te maken krijgen met ziekelijk bemoeizuchtige buren en vermeende hekserij. Rosemary’s Baby baadt in een bedwelmende ambiance, met verwijzingen naar occulte, satanische rituelen en zelfs de wedergeboorte van de duivel. Die smaak, de ervaring van het geestverruimende, hoe de film zich langzaam loskoppelt van de realiteit, is mij altijd bijgebleven. Rosemary’s Baby is claustrofobisch en geeft de kijker – mij in ieder geval – soms het gevoel zelf psychotisch te worden.

Toch laat deze mijlpaal in het horrorgenre ook een vervelende indruk achter. Alsof ik heb geproefd van iets dat een licht vieze nasmaak heeft. Ik kon er alleen niet zo goed de vinger op leggen. Wat zat mij precies dwars? Toen ik Rosemary’s Baby bezag vanuit het vrouwelijke perspectief, dus vanuit Rosemary, klikte er iets.

Als eerste Rosemary zelf. Zij is een naïef, dartelend meisje dat haar partner zo nodig van tegengas voorziet. Guy probeert door te breken als acteur, moet vaak weg voor repetities en audities en is vooral met zichzelf bezig. De buren, die Rosemary gauw op de zenuwen werken, zijn voor hem een soort surrogaatouders, de vader en moeder die hij zelf nooit heeft gekend. Wanneer zich eindelijk de grote acteerkans aandient, kan hij zijn geluk niet op. En Rosemary? Zij houdt zich bezig met de woning en droomt hardop van een gezinnetje. Wie haar ouders zijn, wat zij verder doet, dat wordt nooit duidelijk. Of misschien wel, maar dan heb ik dat echt niet onthouden. Rosemary is een mager personage. Dun. Er zit niet veel vlees aan de botten. Guy is ook niet wat je noemt een super diepgaand personage, vergeleken met Rosemary heeft hij veel meer reliëf en is hij veel interessanter.

De enige motivatie die Rosemary is gegeven, haar vurige kinderdroom, doet bovendien erg conservatief aan. Niet dat er iets mis is met het moederverlangen, maar omdat dit Rosemary’s enige verlangen lijkt in de hele film, krijg ik wel het gevoel dat zij rol van de ouderwetse huisvrouw vertolkt. Even overdreven gezegd, haar domein is het aanrecht en als manlief thuiskomt mag zij voor het eten zorgen, ’s avonds kruipt hij boven op haar om zich te ontladen van alle opgedane spanningen. Dit zijn de associaties die ik krijg bij Rosemary.

Still uit Rosemary’s Baby met Mia Farrow

Als zij eindelijk zwanger is en de bemoeizucht van haar buren toeneemt, wordt zij achterdochtig. Waarom dringt de buurvrouw er toch op aan dat Rosemary een andere dokter moet bezoeken? Waar zijn die vreemde drankjes goed voor die zij moet drinken? Net als Levin wil Polanski de suggestie wekken dat Rosemary de binding met de realiteit kwijtraakt, wegglijdt in een psychose en zo op het idee komt dat er tovenarij in het spel is. Iedereen verklaart Rosemary voor gek als zij haar buren beschuldigt van hekserij. Toegegeven, het is ook een vrij absurd idee. Maar áls zij daadwerkelijk hallucineert, dan zijn haar waanideeën opmerkelijk specifiek en tegelijkertijd willekeurig. Daarmee bedoel ik dat het beeld van heksen op zich erg specifiek is en het erg willekeurig is om juist dat beeld te hebben. Waarom zou Rosemary haar buren juist van hekserij verdenken? Is er iets in haar jeugd gebeurd met heksen? Staan de heksen symbool voor iets? Voor wat dan? Omdat zij als persoon zo vlak blijft, is het raden naar de achterliggende reden voor eventuele waanbeelden. De verklaring dat er daadwerkelijk boosaardige plannetjes worden gesmeed, vind ik daarom veel geloofwaardiger dan dat Rosemary al hallucinerend op een geheime ingang stuit die leidt naar een grote kamer waar haar kind wordt aanbeden.

Er is nog iets. Een scène die ik na de eerste kijkbeurt al ongemakkelijk vond en ik nu helemaal bedenkelijk vind. Guy heeft eindelijk weer aandacht voor Rosemary. Het is tijd om eens een baby te maken. Van tevoren drinken ze een cocktail, die bij Rosemary wel erg hard naar binnen knalt. Wankelend op haar benen laat zij zich door Guy naar bed meenemen en zakt zij weg in een diepe droom. Als Rosemary weer wakker wordt zit zij onder de rode striemen. Guy roept nog dat zij niet moet schrikken, hij heeft zijn nagels al geknipt. Hij wilde “babyavond” echt niet zomaar voorbij laten gaan. Hij vergelijkt het nog, verontschuldigend grinnikend, met necrofilie. Het wordt nadien geen één keer meer genoemd, alsof het de normaalste zaak van de wereld is om seksuele handelingen te verrichten met iemand die geen toestemming kan geven. Ja, Guy en Rosemary zijn een koppel, wat de context wel iets anders maakt. Toch blijf ik deze “liefdesscène” erg dubieus vinden. Strikt genomen is er geen sprake van #MeToo, omdat die twee woorden verwijzen naar seksueel machtsmisbruik. Aan de andere kant maakt Guy wel degelijk misbruik van de macht die hij op dat moment over Rosemary heeft.

Ik weet zeker dat als Polanski’s film (of Levins boek) nu was uitgekomen er felle kritiek op zou worden gegeven. Zowel de schrijver als de regisseur zouden verwijten van misogynie kunnen verwachten (overigens is Polanski daar volgens mij al van beschuldigd), critici hadden eventueel gewezen op de erbarmelijke uitwerking van Rosemary als persoon.

Hoe langer ik erover nadenk, hoe meer ik Rosemary zie als het offerlam. De buren geloven in de reïncarnatie van Satan (ook daar heb ik wat vragen over), Guy zoekt wanhopig naar zijn kans om te stralen op het toneel of voor de camera. Het zijn wensen waar Rosemary, direct of indirect, aan moet beantwoorden. Dat zij hiermee in gevaar komt maakt niet uit.
Pas op het einde, bij het zien van haar duivelse kindje, neemt Rosemary eindelijk zelf initiatief. In de laatste paar minuten neemt zij de controle over en ontfermt zich over het gebroed. Het heeft ruim twee uur geduurd voor zij op dit punt is gekomen. Dat duurde, als je het mij vraagt, wel erg lang.

Mijn positieve oordeel over deze film gaat steeds meer knellen. Op zich, vanuit de filmgeschiedenis beschouwd, kan de impact van Rosemary’s Baby niet genegeerd worden. Een film als The Exorcist tapt uit hetzelfde vaatje met duivelsuitdrijvingen. Net als de honderden andere titels die nadien zijn verschenen. Ik blijf er ook bij dat de sfeer van Rosemary’s Baby nog altijd een erg indrukwekkende is. Maar puur gezien vanuit het vrouwelijke perspectief kunnen er heel veel vraagtekens bij worden geplaatst.

Ik ben overigens niet de enige. Als ik zoek naar recensies van nu, zijn er meer critici die verwijzen naar de vrouwonvriendelijke toon. The Guardian schrijft dat Guy de klootzak van de film is omdat hij toelaat dat de duivel zijn vrouw verkracht. En volgens Slant Magazine is Rosemary’s Baby, “zolang er mannen met macht nog steeds vaag blijven over de definitie van verkrachting”, een cautionary tale. Dat is toch wat anders dan de recensie van Roger Ebert uit 1968, die vooral Polanski’s ambacht prijst en zeer lovend is over Farrows spel (dat dan weer wel). De besprekingen zijn nog steeds positief, toch wordt meer aandacht geschonken aan Rosemary’s penibele en vijandige situatie. Ook de grootste klassiekers komen nu echt niet meer met alles weg. Terecht.

 

© 2020 – 2022 Fantasize & Zadok Samson