web analytics
dinsdag, mei 28

Interview winnaars Harland Prijs – Oscar Peeze Binkhorst – tweede prijs

Door Isabelle Plomteux

Vandaag praat ik met Oscar Peeze Binkhorst, die de tweede plaats in de Harland Prijs 2023 won met Paashaasaas.

Dag Oscar, gefeliciteerd met je tweede plaats. Fijn je te ontmoeten. Kun je jezelf even voorstellen?
Oké, is het raar dat ik dat een moeilijke vraag vind? Haha. Mijn hoofd is gewoon druk. Veel ideeën. Ik denk dat mensen me chaotisch noemen, maar ik vind het heerlijk om veel te leren en te verbinden met elkaar. Tijdelijke obsessies is een ding van me. Sterrenkunde, planten, een klassieke componist, de psychologie achter complotdenkers. Een aantal maanden heel diep op iets ingaan totdat ik er ineens klaar mee ben. Al die informatie gaat niet verloren, maar komt vaak weer samen in mijn verhalen.

Vaardigheden leren hoort ook bij mij: jongleren, pianospelen, sculpturen van oude boeken maken, componeren. Ook op het gebied van humor probeer ik veel en ik vind mezelf vaak erg grappig. Ik lig de hele dag dubbel van wat ik verzin, mijn vriendin vraagt zich bij veel grappen af wat ze in haar vorige leven fout heeft gedaan om ernaar te moeten luisteren.

Verder woon ik in een rustig dorp in Midden-Limburg en geniet ik van boswandelingen. Natuurlijk moet ik de schattigheid in mijn leven niet vergeten: twee kindjes en twee hondjes. Dat mijn vriendin ook in die categorie valt, mag ik niet zeggen, laat staan dat ik dat via dit interview aan de wereld kenbaar mag maken.

Oscar Peeze Binkhorst, eigen foto

Was het de eerste keer dat je met de Harland verhalenwedstrijd mee deed?
Ik heb al een paar keer meegedaan. Telkens geëindigd rond plek 50. Dat ik ver van de eerste plek lag, vond ik niet zo belangrijk, het commentaar van de voorselecteurs was vooral interessant: de helft vond het verhaal geweldig (één keer heeft iemand het zelfs herlezen om daarna tot de conclusie te komen dat Lachen als een bezetene (te vinden op mijn website) echt een goed idee was) en de andere helft snapte er helemaal niets van of vond het verhaal of de schrijfstijl niet te doen. Dat gebeurde bij de voorselecteurs, maar deze keer zelfs bij de eindjury. Erg leuk vind ik dat. Die controverse, daar houd ik van. Als de één het geweldig vindt en de ander niks, dan heb je iets, dan heb je een niche, een plek waar je thuishoort in plaats van dat je opgaat in de massa.

Wat deed je besluiten om mee te doen?
Er zijn veel creatieve ideeën waar ik tijdelijk verliefd op ben geweest, maar schrijven topt alles. Ik weet dat ik moet schrijven omdat ik nog nooit, zelfs niet na een slecht geschreven pagina (of een niet zo subtiele hint van mijn vriendin dat ze een verhaal slecht vond), het gevoel heb gehad dat ik mijn pen neer moest leggen. Voortdurend moet het meer zijn. Schrijfwedstrijden zijn dus gewoon een van de dingen die ik aangrijp om meer te schrijven, mezelf uit te dagen en te kijken wat anderen ervan vinden. Ik merk dat ik er veel van leer. Leren en ergens beter in worden is een draad die door mijn leven loopt.

Toch heeft het even geduurd voor ik Paashaasaas mee liet doen. Paashaasaas is wel het eerste verhaal dat ik ooit geschreven heb. Ik heb het, ondanks dat anderen me hebben aangemoedigd, niet eerder willen insturen. Het verhaalidee was wel goed, maar ik had ook door dat het slecht geschreven was. Uiteindelijk heb ik veel geleerd en durfde ik het wel aan. Ik heb het herschreven en met trots ingestuurd. Misschien is het grappig als ik de oude versie van Paashaasaas op mijn site zet, dan kunnen mensen ook zien hoeveel beter iets kan worden als je door blijft zetten.

Deed je ook al aan andere schrijfwedstrijden mee? In het fantastische genre of daarbuiten?
Er zijn best wel wat pogingen geweest, met wisselend succes. Een paar mooie lichtpuntjes zijn mijn verhaal Schuif gezellig aan dat gepubliceerd is op de site van de boekenkrant, De verlossing is verschenen in het tijdschrift De Optimist, en er staan verhalen van mij op Hebban na de Zomerlezen Schrijfwedstrijd. Maar ik grijp eigenlijk alles aan. Het mooie aan schrijfwedstrijden is, ook als ze buiten je interessegebied liggen, dat ze je uitdagen nieuwe dingen te proberen en ontdekken. Je wordt ook beter van een verhaal dat je achteraf niet zo boeiend vond om te schrijven, of waar je jezelf ronduit voor schaamt.

Kun je kort (en zonder al te veel spoilers) vertellen waarover Paashaasaas gaat?
Een vader wil zijn hoogenthousiaste dochter meenemen op jacht naar de paashaas. Ze heeft het moeilijk op school en hij hoopt haar op te vrolijken met een avontuur. Natuurlijk gelooft hij niet in de paashaas, maar hij doet zijn dochter graag een plezier en gaat mee in de fantasie. Samen met een reusachtige wortel gaan ze naar de plek waar het beest zich zou ophouden: de Limburgse mijnen bij Terwinselen. Daar stellen ze zich op, bij de ingang van de Staatsmijn Wilhelmina. Uiteindelijk worden ze beloond voor het wachten, maar op een andere manier dan ze hadden gehoopt.

Misschien nog leuk om te vertellen: dit verhaal is daadwerkelijk verspreid rondom die mijnen en in Terwinselen. Er zijn mensen die het in de brievenbus hebben gevonden, of bij de ingangen van de mijnen zijn tegengekomen. Leuke dag was dat.

Hoe kwam je op het idee voor het verhaal?
Een aantal jaar geleden was ik zoekende naar welke dingen ik wilde doen in mijn leven. Ik fotografeerde wat en schreef gedichten en korte teksten bij de foto’s. Mijn schoonmoeder wist daarvan. Met Pasen vroeg ze mij: kan je niet een verhaal schrijven over een schattig haasje? Meteen ging er door mij heen: schattig? Nee, dat kan leuker. Als een idee wordt aangezwengeld in mijn hoofd schiet het ook snel door tot grote proporties.

In Paashaasaas laat je de lezer gedeeltelijk in het ongewisse: is wat er op papier staat echt gebeurd, of speelt het zich af in het hoofd van een onbetrouwbare hoofdpersoon? Naar welke optie neig je zelf? Of is het ook voor jou als auteur een vraagteken? Of kan het allebei? Ja, het is echt gebeurd, maar de feiten zijn zo gruwelijk en onmogelijk dat de hoofdpersoon denkt dat hij ze verzonnen heeft?
Ik begrijp dat mensen zich bij het verhaal kunnen afvragen of het echt is gebeurd, of dat het zich heeft afgespeeld in het hoofd van de hoofdpersoon. De waarheid zit in het verhaal verscholen. De mens is geneigd om dingen die te pijnlijk of te beangstigend zijn weg te drukken of te verdraaien. We voelen dat er iets niet klopt, maar overtuigen onszelf van een alternatieve waarheid die we ook agressief verdedigen. Dat zie je ook aan het einde van het verhaal: mensen willen de hoofdpersoon gewoon niet geloven. Maar is er niet een bepaalde plek waar uiteindelijk niemand wil gaan zoeken? Als men gelooft dat het meisje daar is, waarom blijven ze daar dan weg?

Bij het schrijven dacht ik: als de hoofdpersoon dit daadwerkelijk heeft meegemaakt en terugkomt bij de mensen die de paashaas niet hebben gezien, wat gaan die mensen dan denken? Die geloven er niets van als ze nog nooit iets bovennatuurlijks hebben meegemaakt. Maar ze voelen het wel. Dan gaan ze een dekentje over het enge neerleggen en doen alsof het er niet is. Ze voelen zich sterker en veiliger bij zo’n alternatief. Ik zie dat dagelijks om me heen en op tv gebeuren.

En toch, ondanks dat de waarheid in de subtekst van het verhaal staat, ontstaat er nog twijfel bij de lezers en de jury. Ik vind het logisch dat mensen met het verhaal in hun hoofd blijven zitten. Je wil ook dat dit niet echt is gebeurd. Ik wil de lezers vooral vragen: waarom zijn jullie nog niet bij de mijnen gaan zoeken?

Wat bevalt je aan het horrorgenre? Heb je een voorkeur voor bepaalde auteurs of horrorsubgenres?
Dat vraag ik mezelf ook af… Ik kan totáál niet tegen horrorfilms en word doodsbang van horrorverhalen. Ik voel nog steeds, als ik ‘s nachts het bed verlaat, dat iets onder het bed mijn been kan grijpen en me eronder zal sleuren. Hoe rationeel ik ook weet dat dat onzin is, ik blijf het voelen. Regelmatig moet ik het laatste stukje terug naar bed springen. En toch blijf ik horror lezen en kijken.

Wellicht komt het doordat ik het normale leven vrij slaapverwekkend vind. In horror kan ik dingen vinden waar ik weer van aan ga. Het is dan wel niet echt, maar de fantasie die woorden kunnen oproepen is ook iets dat bestaat, maar dan in je hoofd. Iets kan in je hoofd net zo echt voelen als daarbuiten. Even in een alternatieve werkelijkheid zitten is iets waar ik vrolijk van word – of met horror misschien niet vrolijk, maar dat ik dan veel meer het gevoel krijg dat er iets gebeurt in het leven. Stiekem is dat soort fictie natuurlijk ook een veilige plek om met mijn angsten om te leren gaan. Een rijke fantasie is niet altijd handig.

Qua auteurs heb ik uiteraard een voorkeur voor Stephen King. Maar andere briljante schrijvers zijn Blatty van The Exorcist, of Thomas Harris van de Hannibal Lector-boeken. Oh, en de ziekste horrormomenten zitten in een van mijn favoriete boeken: The Road van Cormac McCarthy. Die schrijvers zitten echt een paar stapjes hoger dan de rest en in hun werk kan ik echt verdwijnen. Ik ben niet alleen verliefd op horror of het fantastische genre, alhoewel het me erg trekt, maar ik lees vooral graag goede boeken, in welk genre dan ook – zolang er maar een verhaal in zit met een interessante schrijfstijl.

Oscar liet zijn verhaal achter bij de mijnen in Limburg, waar Paashaasaas zich afspeelt. Foto: eigen foto.

Welke elementen moet een goed horrorverhaal voor jou zeker bevatten?
Goede horrorverhalen bevatten drie elementen, in een specifieke volgorde. Ze gaan van ‘akelig gevoel’ naar ‘akelig beeld’ naar ‘walgelijk beeld’. Er zit iets onder water, het monster komt boven water en begint te jagen, het monster bijt je arm eraf en het bloed spuit eruit; op een boerderij zit er iemand achter jou en je kind aan, de achtervolger doet zijn capuchon af en draagt een afgehakte, uitgeholde koeienkop, de schedel van je kind wordt aan stukken geslagen met een koebel. Simpel, toch?
De beste schrijvers rekken het akelige gevoel precies lang genoeg. Op het moment dat de lezer kapot gaat van de spanning komt er iets tevoorschijn. Dan is het aan de schrijver om het af te maken.

Schrijf je ook in andere ‘fantastische’ genres?
Mijn hoofd schiet wel over een hoop verschillende ideeën. Paranormale verhalen, magisch realisme, dystopieën, (post-)apocalyptische werelden. Ik trek vooral naar die laatste twee, misschien wel omdat je daar de emoties van de werkelijkheid in kan exploreren. Een dystopie is niet meer dan het uitvergroten van problemen die we dagelijks op het nieuws zien, om daarmee de mens meer bewust van die problemen te maken. Overkoepelend is bij mij niet het genre, maar het exploreren van de menselijke psychologie de algemene deler.

Welk advies zou je deelnemers aan de volgende editie(s) van de Harland Prijs graag willen meegeven?
Zelf heb ik veel gehad aan studeren tussen schrijfsessies door. Als je werkt aan een verhaal, ga dan op rustmomenten op zoek naar ideeën en technieken op schrijfgebied. Dan zal je regelmatig hebben: hé, dat is precies wat ik net probeerde in mijn verhaal, maar het lukte me niet om het goed op te schrijven, nu weet ik wel hoe het moet. Of: dat is een supergoed idee, daar moet ik meer naar kijken in mijn verhaal. Nooit denken dat je het allemaal wel weet.

Wat tips voor lezers: On Writing – Stephen King; Writing Fiction – Janet Burroway; Alweer een bestseller – Paul Sebes en Willem Bisseling; Finding your voice en Hooked – Les Edgerton; Schrijven, kreng – Lisette Jonkman. Wat tips voor ‘Ja, hallo, ik heb echt geen aandachtspanne om een heel boek te lezen, ik ben Tiktok gewend’: YouTube-kanalen: Ellen Brock (De beste!); Diane Callahan – Quotidian Writer; Hello Future Me; Tyler Mowery; Storytellers; Lectures by Brandon Sanderson; Now You See It; Nerdstalgic; Storied; The Closer Look; Aegon Targaryen; Film Courage; Screened; Savage Books; The Closer Look; goed, hier zal ik ophouden…

Wat wil je op schrijfvlak nog graag bereiken?
Ik leef vooral op de lange lijn en word niet zo gelukkig van doelen. Waar ik het meest van geniet is beter worden en steeds creatievere manieren van schrijven ontdekken. Steeds vrijer kunnen schrijven ook, los van de regels en ideeën die bij genres, of teksten schrijven an sich, horen. Vrijheid van taal zoals Dimitri Verhulst, of zelfs zangeres Froukje of zanger Joost Klein, of gewoon een algeheel gevoel van vrijheid, controle en ontspanning bereiken zoals die zanger Jacob Collier.

Ik heb nu heel wat korte verhalen geschreven (een aantal staat op mijn site) en heb nog een lange lijst die ik neer wil pennen, waaronder een korte epiloog op Paashaasaas: Paashaasaaswaas. Ik heb tot nu toe één boek afgekregen: over een wannabe pianist met synesthesie (is een cool neurologisch verschijnsel, google maar!). Het zou leuk zijn dat ooit uit te geven. Mijn tweede boek, met een speculatief tintje, ligt stil in productie omdat er de hele dag twee peuters aan mijn benen hangen. Maar boeken uitgeven is voor mij dus niet het doel, eerder iets dat mooi is als het onderweg gebeurt. Zolang ik maar kan blijven schrijven. En misschien lijkt me anderen coachen ook nog wel iets. Er zit toch een leraar in mijn bloed.

Ik bedenk ineens dat beter schrijven niet eens mijn hoofdstreven is, maar eerder een middel om meer en meer voldoening in het schrijven te vinden. Regels loslaten. Ritme vinden. Een euforische flow zoeken. Stoppen met denken en meer voelen. Ik ben lang erg rationeel geweest, nu wil ik weleens weten hoe diep zo’n spiritueel gevoel kan gaan. Schrijven brengt mij daar. Schrijven is morfine.

Waar ben je als auteur te vinden?
Ik heb een aantal gepubliceerde verhalen op www.oscarpeezebinkhorst.wordpress.com staan. Ik zou het leuk vinden om daar reacties van lezers te krijgen. Ik hoor graag wat mijn verhalen doen met anderen en heb veel aan aan kritiek. Ik heb ook nog wat schrijfideeën voor mijn instagram, waar ik op @oscarving ook mijn kunst laat zien. Op Youtube, @scarro, of gewoon Oscar Peeze Binkhorst, staan kleine schrijfdingetjes, maar dat is ook een plek waar ik meer ideeën op schrijfgebied wil gaan plaatsen.

Bedankt voor het interview!

Hier kan je op Hebban het gratis e-book downloaden met het verhaal van Oscar Peeze Binkhorst en de vier anderen in de top vijf.

 

© 2020 – 2024 Fantasize & Isabelle Plomteux

You cannot copy content of this page